lagelanden 2.

Lees verder....

In zijn huidige praktijk wordt carnaval gevierd vanaf de donderdag in de week voorafgaand aan Aswoensdag tot en met Aswoensdag zelf. Er is echter ook sprake van een carnavalsseizoen, dat op 11 November (de elfde van de elfde) om 11:11 uur begint. In Nederland wordt deze start van het seizoen in iedere carnavalvierende stad of dorp met een zekere ceremonie gevierd. In Maastricht vindt op die dag een grote manifestatie plaats die in 2006 zo'n 30.000 bezoekers trok. Het getal 11 is van oudsher het getal van de dwazen en narren en duikt veel op in het Rijnlandse en Limburgse carnaval.

Ook al wordt de vastenperiode lang niet meer zo streng gevierd als vroeger, het carnavalsfeest blijft het feest waarbij mensen zich vermommen door vreemde kledij aan te trekken, en zo onherkenbaar een alibi hebben om zich in allerlei vormen te buiten te gaan. In de Middeleeuwen vielen daarbij nogal eens doden en gewonden, maar tegenwoordig is het masker bedoeld om iemand anders een spiegel voor te houden dan wel (met verdraaide stem) iemand stevig en ongezouten de waarheid te zeggen.

Het katholieke carnavalsfeest wordt in Nederland vooral ten zuiden van de grote rivieren (Maas, Waal en Rijn) gevierd. Verder wordt het in Twente en Salland gevierd en in enkele katholieke enclaves zoals Groenlo. In Noord-Brabant viert men het Bourgondische carnaval, in Limburg het Rijnlandse carnaval, naar Duits model (met Keulen als belangrijkste centrum).

De meeste Brabantse steden en dorpen hebben tijdens de carnavalstijd een Alternative-naam (bijv. ‘S -Hertogenbosch wordt Oeteldonk, Breda wordt Kielegat, Bergen op Zoom wordt Krabbegat, Schaijk wordt Moesland en Ravenstein wordt Pomperstad). Ook elders (Limburg, Twente, Rijnland) worden veel steden en dorpen "omgedoopt" tijdens de caranavalsdagen.